Nadya Aboyaakoub, wethouder

Nadya Aboyaakoub-Akkouh was eerder wethouder in Nijkerk en is dat nu in Amersfoort. Voor haar wethouderschap was ze in Nijkerk 9 jaar raadslid voor Pro21 (een combinatie van PvdA, GroenLinks en D66). Ze werd geboren in Rotterdam en studeerde daar Sociaal Pedagogische Hulpverlening. Als wethouder loopt ze warm voor wat ze kan doen voor de verdere ontwikkeling van de jeugd en de samenleving. In 2023 werd ze uitgeroepen tot Beste Lokale Bestuurder van dat jaar.

Was het wethouderschap een grote omschakeling?

In mijn wethouderschap komen eigenlijk al die dingen die ik de afgelopen jaren deed samen, bijna te mooi om waar te zijn! In dit werk kan ik me helemaal inzetten voor de jeugd en hun ontwikkeling/ontplooiing in de samenleving. De betrokkenheid van inwoners is hierin ook echt een kern, de mensgerichtheid van het wethouderschap. Ik word daar echt warm van! Je ziet zó direct de effecten in de samenleving. Ik hoop mensen ook te stimuleren om buiten hun hokje te denken en te kijken en het wethouderschap is daar een mooie plek voor.

Wat vindt je het mooiste aan het wethouderschap?

Door de spin in het web te zijn, aangehaakt te zijn, mensen met elkaar te verbinden. Kansen zien te herkennen en te verzilveren voor Nijkerkse inwoners. Daarnaast kun je, onbedoeld, een voorbeeld en rolmodel zijn voor jonge vrouwen en meisjes als wethouder. Je kunt ze meegeven dat je door niemand beperkt wordt in de mogelijkheden en kansen voor de toekomst. Daarbij ben ik niet alleen een rolmodel voor mijn kinderen, maar ook voor andere kinderen. Een mooi voorbeeld: onlangs liep een HAVO leerlinge met een islamitische achtergrond een dagje met mij mee. Ze zei tijdens deze dag dat ze zo graag met mij mee wilde lopen, omdat ze mij als haar rolmodel zag. Ik vind dat zo bijzonder!

Door dicht bij jezelf te blijven kun je daarnaast een cultuurverandering bewerkstelligen. Toen ik net wethouder was, conformeerde ik me aan wat ik in mijn omgeving zag. Ik trok ook dat colbertje aan, want immers de meesten hadden deze aan. Maar al snel werd ik weer mezelf. En die authenticiteit wordt gelukkig gewaardeerd. Ik denk dat wij ons ‘vrouw zijn’ moeten koesteren en we ons niet anders voor moeten doen dan we zijn, want juist dat unieke brengt iets belangrijks aan tafel.

Wie is jouw grote voorbeeld?

Aletta Jacobs! Ik ‘leerde haar kennen’ toen ik op de middelbare school een werkstuk over haar schreef. Sindsdien ben ik bijzonder onder de indruk van Jacobs en haar omgeving, Aletta Jacobs wekte ook absoluut mijn interesse in de politiek. Haar strijd om emancipatie voerde ze namelijk niet alleen, haar echtgenoot heeft haar sterk gesteund in haar strijd, bijna 100 jaar later is dat nog steeds heel belangrijk en nodig. Mannen empoweren elkaar hierin ook en steunen elkaar in het vooruit helpen van hun vrouw.

Er zijn daarnaast sterke vrouwen in mijn geloof die belangrijk voor mij zijn. Je hoort best vaak dat mensen denken dat vrouwen binnen de Islamitische gemeenschap achtergesteld zijn. Veel mensen weten echter niet dat de eerste vrouw van de profeet een sterke en belangrijke zakenvrouw was: Khadija. Ook de dochter van de Profeet, Fatima, was een hele sterkte en zelfstandige vrouw. Het geloof heeft, als je kijkt naar de historie, vrouwen juist heel veel moois gebracht. Daarnaast staat de Islam staat juist ook voor het tot je nemen van kennis. Ik begrijp dan ook niet hoe de Islam gebruikt kan worden om te stellen dat vrouwen bijvoorbeeld geen onderwijs zouden moeten krijgen. Het tegendeel is waar. Juist ook binnen mijn geloof is er een stimulans om sterk te zijn en kennis te vergaren en je als vrouw te ontwikkelen en het verschil te maken in de samenleving.

Vind jij het belangrijk dat er meer vrouwelijke wethouders komen?

Ja, maar ik vind het minstens zo belangrijk dat er meer mannelijke wethouders komen die vrouwen deze ruimte gunnen. Dit heeft ook te maken met een mentaliteitsomslag, weg van het old-boysnetwork. Ik probeer zelf ook een netwerk te creëren waarin ik streef naar ‘paying it forward’. Als vrouw die ‘er al is’ kun je het netwerk van andere vrouwen juist weer versterken. Maak je zelf geen slachtoffer als vrouw, maak van elke uitdaging een kans. Help elkaar ook vooruit, pay it forward. Vrouwen brengen iets anders aan tafel dan mannen, en je hebt allebei nodig om een stad goed te besturen. Datzelfde geldt voor mensen met een andere achtergrond, iedereen brengt iets bijzonders en waardevols aan tafel.

Soms heb ik het gevoel dat onbekend ook onbemind maakt, ik heb het gevoel dat mijn positie als wethouder ook bijdraagt aan het bekend en bemind maken en daarmee ook aan de emancipatie van bijvoorbeeld andere vrouwen met een hoofddoek. Solidariteit in de samenleving moeten we met elkaar ontwikkelen. Niet alleen vrouwen onderling, maar mensen onderling. Je moet elkaar ruimte geven om te ontwikkelen, zelfvertrouwen op te bouwen en te ontwikkelen. Emancipatie komt ook met de emancipatie van de man. Je doet het samen. Mijn lijfspreuk is ook: ‘Alleen ga je sneller samen kom je verder’. De kern voor mij is onderlinge solidariteit en elkaar vooruit helpen.

Heb je in je politieke carrière belemmeringen meegemaakt?

Of je iets als belemmering ervaart is heel erg hoe je hier als mens invulling aan geeft. Als bestuurder van een stad ben je er voor iedereen. Dit probeer ik te doen door mij daar volop voor in te zetten en dat doe ik niet alleen maar met de ambtelijke organisatie en de samenleving.

Hoe zie jij de kansen voor vrouwelijke wethouders?

Je merkt dat, waar het beeld is dat de wethouder wat lastiger aan het werk komt, jonge vrouwelijke wethouders daar naar mijn idee een uitzondering op zijn. Zij worden steeds vaker gescout voor ander werk, omdat hun positie zichtbaar is en ze erg in de kijker staan. Maar het valt of staat met de gunfactor.

Dit interview verscheen eerder op de website www.wethoudersvereniging.nl.